prrlpap

Nog niet wetende wat hem die dag te wachten stond, betrad Ambtenaar zijn werkdomein, zijn collega’s vrolijk een goedemorgen wensend. Ambtenaar nam plaats aan zijn bureau en opende zijn agenda, benieuwd naar wat hem vandaag te wachten stond.

 Verbijsterd staarde hij enige momenten naar hetgeen hij las. Bij 10.30 uur stond gekrabbeld: prrlpap. Prrlpap, prrlpap……? Hij dacht een ogenblik diep na, maar kon met geen mogelijkheid bedenken wat daarmee bedoeld werd. Hij bracht de agenda tot vlak onder zijn neus en vergewiste zich ervan dat het zijn eigen handschrift was. Geen twijfel was mogelijk. Hij had het zelf opgetekend. Hij had prrlpap waarschijnlijk in een haastbui in zijn agenda opgetekend, ervan overtuigd dat dat voldoende was om hem ergens aan te herinneren. Wat had prrlpap nu te betekenen? Was het de naam van iemand? Was het een plek waar hij naar toe moest? Was het een aantekening ter herinnering aan iets wat hij zou moeten doen of zelfs laten? Wat hij ook bedacht, het peertje in zijn hoofd wilde niet ontbranden.

 Ambtenaar was ervan overtuigd dat hem in de tijd die hem tot half elf nog restte, de oplossing wel te binnen zou schieten. Maar dat gebeurde niet. Er schoot hem niets te binnen.

Het werd half elf. Er werd op de deur geklopt. De secretaresse opende de deur en riep hem toe: “Er is bezoek voor u” en weg was ze al weer. In plaats van te zeggen wie hem een bezoek bracht, had ze niet meer gezegd dan “Er is bezoek voor u”. Jammer. Nou wist-ie nog niks. De deur zwaaide open en een wat oudere Marokkaanse man met een witte pij aan en een klein bontgekleurd mutsje op, kwam hem tegemoet.

Ze schudden elkaar allerhartelijkst de hand, alsof ze elkaar al jaren kenden. De man stelde zich voor, waarbij Ambtenaar zijn oren spitste. De man brabbelde iets, maar dat leek in de verste verte niet op prrlpap. Ambtenaar opende de conversatie dus maar met een veilig “Fijn dat u gekomen bent”. “Dank joe, dank joe.” sprak de man. Hij nam zijn mutsje af en legde die voor zich op tafel. Nee, Ambtenaar had deze heer nog nimmer van zijn leven ontmoet. Ambtenaar vroeg of hij misschien een kopje koffie bliefde. Prllpap, want zou noemde hij hem stilletjes, bleek zin in thee te hebben.

 Ambtenaar tastte dus nog volledig in het duister omtrent de identiteit van Prrlpap, maar meende toch dat het onbeleefd was om het hem recht op de man af te vragen. Ambtenaar rekende vurig op een teken van boven. Prrlpap bleek helaas geen babbelaar. Zijn kennis van de Nederlandse taal vormde een ernstige belemmering tot een vlot gesprek. Hij staarde in diep gepeins naar zijn kopje thee en sprak na enige tijd langzaam  “Ikke goed nadenken…..ikke nadenk…ikke geloven u gggoet zijn”. Dit was een lastige opening, maar Ambtenaar bedankte Prllpap beleefd voor dit compliment en zei “Fijn, dat u daar zo over denkt”. “Ik wille heel graag!” vervolgde Prrlpap, het woordje heel beklemtonend. “Natuurlijk”, antwoordde Ambtenaar met heel zijn hart en vervolgde “Waar een wil is, is altijd een weg. Kan niet ligt op het kerkhof en wil niet ligt er naast”. Met deze platgetreden paden kon Ambtenaar zich tenminste geen buil vallen. Prrlpap keek hem enigszins onbegrijpend aan. Nog steeds had Ambtenaar geen flauwe notie tegen wie en waarover hij zat te praten. Hij pijnigde zijn hersenen, die op dit moment overuren maakten. De documentaire over zijn leven gleed in een moment aan hem voorbij, maar daar bleek Prrlpap niet in voor te komen, zelfs niet als figurant.

 “Maar wel veeeeel probleme komen!” riep Prrlpap met enige vertwijfeling, waarbij hij zijn armen ten hemel hief. “Tja, problemen zijn er nu eenmaal om opgelost te worden” antwoordde Ambtenaar. “En wie ze vandaag niet heeft, krijgt ze morgen wel”, riep hij in volle overtuiging.”

“Ggoet, gggoet, ggoet” vervolgende Prrlpap, “Ikke zal wel goet doen als u helpe”. Dat was een gevaarlijke wending in het gesprek, meende Ambtenaar, omdat hij er niet zeker van was waarmee hij hem moest helpen. Maar met een  “Nou, we zullen wel zien. En als u problemen heeft, kunt u altijd even langskomen” zorgde hij ervoor dat hij de bocht niet uitvloog. “Wij staan altijd voor u klaar”, voegde hij eraan toe, want dat kon ook geen kwaad. Prrlpap haalde nu tot verbazing van Ambtenaar opgelucht adem. Kennelijk was hij met dit antwoord tevreden gesteld. Hij stond  op, maakte een diepe buiging, zette zijn mutsje weer op, draaide zich om en verdween uit beeld. Prrlpap had zijn kopje thee niet aangeroerd.

Even later werd er op de deur geklopt. De secretaresse stak haar hoofd om de hoek en riep “De heer Van Parlakken is zojuist langs gekomen, maar omdat u in gesprek was heeft hij mij gevraagd om u deze envelop te overhandigen. Hij neemt op een later tijdstip nog contact met u op”.

Victor Luchtig

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s