lente

De pelikaan is weer in het land. Het is voorjaar. “Naar buiten dus”, besluit Ambtenaar pardoes. Hij trekt zijn jas aan en kijkt op zijn horloge. Hij moet enigszins voortmaken, want zijn lunchpauze duurt niet langer dan een half uurtje. Hij drukt op de liftknoppen en wacht, wacht, wacht. Ambtenaar staat zich te verbijten. Tien minuten van zijn kostbare lunchtijd zijn al voorbij als hij door de draaideur naar buiten stapt. Ambtenaar is een beetje duizelig geworden; de lift en de draaideur hebben hem een lichte jet lag bezorgd. Omdat de tijd nu werkelijk begint te dringen, holt Ambtenaar over de markt en bereikt hotel Slotania. In de buurt daarvan wringt Ambtenaar zich tussen de mensen door en ziet hoe een man en een vrouw slaande ruzie hebben. De vrouw ziet er verslonsd uit, haar haren hangen in slierten langs haar hoofd. In lange zinnen krijst ze “…..je zal je ouwe moer bedoelen, niks kon je en je zal nooit wat kunnen, want je bent een slappeling omdat je te weinig hersens hebt, omdat je eruit ziet als een lapzwans en omdat je een kloothommel bent, weet je”. De man is verbaal duidelijk de mindere, zwaait wild maar zonder te morsen met een buikje bier in het rond. Vakmanschap is meesterschap. Hij neemt een slok bier, bolt zijn wangen, vouwt van zijn mond een spleet en sproeit het vocht in de richting van de vrouw “Je deugt niet, vuile vieze slet die je bent” roept hij er achteraan. Zojuist heeft een bus van “Oostenrijk” een lading Japanners voor het hotel afgeleverd. Vrijwel elke Japanner is van een videocamera voorzien. Zodra ze het opstootje hebben ontdekt, komen ze met hun camera’s in de aanslag dichterbij. Behalve dat het gebeuren op de gevoelige plaat wordt vastgelegd, mompelen de Japanners iets in het microfoontje waarmee de meeste camera’s zijn uitgerust. Een Japanner kijkt Ambtenaar aan en vraagt in slecht verstaanbaar Engels: “What they say?” Ambtenaar antwoordt in zijn beste Engels “zee hev uh faait”. Een mede-omstander is bereid de ondertiteling bij de twist te leveren en zegt tegen de Japanner “she’s is a whore, he says”. De Japanner kijkt de ondertitelaar vertwijfeld aan, maakt een lichte buiging en begint ook met zijn filmopname. Mede-omstander wil nu ook wel eens iets van de Japanner weten en vervolgt met “Where are you coming from?” De Japanner draait zich naar Mede-omstander, maakt opnieuw een lichte buiging, denkt even na en zegt dan beleefd glimlachend “I am from toilet” en vervolgt zijn filmopname. Mede-omstander staat er verslagen bij en besluit deze conversatie niet langer voort te zetten. Dan draait de politiewagen van het wijkteam Lodewijk van Deyssel met loeiende sirene de hoek om. Twee dienders stappen uit en duwen de omstanders opzij tot zij bij het twistend stel zijn aangekomen. Alsof de omstanders allemaal iets te verbergen hebben, gaan zij uit elkaar. Ook Ambtenaar. Gek, Ambtenaar voelt zich altijd onveilig als er Politie in de buurt is. Hij ziet ze liever niet dan wel. Hij spoedt zich terug naar het Huis-tuin-en-keukenhuisje. Op weg daarnaar toe ontdekt hij op de openbare pisbak op de markt een bladgoudhaantje. Hij kent het wel, het is een zeldzaam vogeltje. “Waarlijk”, denkt Ambtenaar “nu is het toch echt lente.”

Victor Luchtig

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s